Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) onderzocht in samenwerking met het consultancybureau HICT het nut van beeldopnames tijdens endoscopische, chirurgische ingrepen. Het KCE stelt vast dat videoregistratie geen duidelijke meerwaarde heeft voor de verbetering van de zorgkwaliteit, noch voor de opleiding van artsen. De beelden kunnen later gebruikt worden als bewijsmiddel in rechtszaken, op voorwaarde dat voor de opnames de toestemming van de betrokkenen werd gevraagd en dat hun persoonlijke levenssfeer werd gerespecteerd.
Een endoscopie (letterlijk: “binnenin kijken”) is een onderzoek van het inwendige van de mens, om een diagnose te stellen, een biopsie te nemen of een operatie uit te voeren. Dit gebeurt met een instrument, de endoscoop, waarmee een arts via een flexibele slang in het lichaam kan kijken. Bij endoscopische chirurgie wordt het lichaam van de patiënt minimaal invasief (zo min mogelijk ingrijpend) geopereerd.
Bij endoscopische chirurgie worden beelden van de ingreep getoond op het moment zelf, om de bewegingen van de chirurg te volgen en te sturen. Maar is het ook nuttig om die beelden systematisch op te nemen, ze te bewaren en ze te gebruiken voor andere doeleinden ?
Er is geen bewijs dat videoregistratie een meerwaarde biedt voor de verbetering van de zorgkwaliteit. De belangrijkste elementen hiervoor blijven de toepassing van goede richtlijnen en procedures, zoals bij de opname van de patiënt, evenals de controle van de operatiezaal en een kwalitatief hoogstaande basisopleiding van de chirurgen. Momenteel worden beelden die kunnen worden gebruikt als lesmateriaal bij de (voortgezette) opleiding van artsen reeds op grote schaal aangeboden door verschillende private firma’s zodat het niet nuttig is om extra beeldmateriaal te registreren voor dit doel.
De kost voor een systematische registratie op nationaal niveau zou jaarlijks ongeveer 500. 000 euro bedragen voor het opslaan en 12 800 000 euro voor het herbekijken en analyseren van de beelden. Bovendien gaat het om een technologie die nog volop in ontwikkeling is en die nog niet voldoet aan alle technische vereisten. Om die reden en omwille van de beperkte beschikbare wetenschappelijke gegevens beveelt het KCE het systematisch opnemen van endoscopische ingrepen niet aan.
Ondertussen worden de beelden al door een aantal chirurgen en ziekenhuizen opgenomen en bewaard. Bij videoregistratie door een individuele chirurg moet deze vooraf de toestemming van de patiënt vragen en bij de verwerking van de gegevens het nodige doen ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de patiënt. Ziekenhuizen die een systematische videoregistratie van interventies zouden uitvoeren moeten bovendien de persoonlijke levenssfeer van de overige betrokkenen (andere artsen, verpleegkundigen,...) beschermen en de nodige procedures ontwikkelen voor de registratie en het gebruik van de gegevens.
De beelden maken deel uit van het medische dossier van de patiënt. Zowel de arts als de patiënt zouden het beeldmateriaal kunnen gebruiken als bewijsmiddel in een rechtszaak. De voorwaarde is wel dat ze op rechtmatige wijze zijn verkregen, dus ook mits voorafgaande toestemming van de betrokkenen en op voorwaarde dat het nodige werd gedaan ter bescherming van hun persoonlijke levenssfeer.