Geplande keizersnede: wat zijn de gevolgen voor de gezondheid van moeder en kind?

KCE Reports 275A (2016)

De laatste dertig jaar is het aantal keizersneden overal ter wereld toegenomen. In België is de ingreep goed voor ongeveer 21% van het totale aantal geboorten, maar onder de ziekenhuizen bestaan er belangrijke verschillen (van ongeveer 12 tot 33 % van de bevallingen die zij uitvoeren). Wanneer er bij moeder of kind een medisch probleem is, kan een keizersnede ongetwijfeld (zeer) ernstige gevolgen voorkomen. Maar wat als als de ingreep om niet-medische redenen wordt uitgevoerd, wat steeds meer het geval is ? Wegen de voordelen dan nog op tegen de nadelen? Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg  (KCE) maakt de balans op van de gevolgen voor moeder en kind, op korte en op lange termijn.

Doordat talrijke studies tegenstrijdige resultaten opleveren, kunnen voor de gevolgen op lange termijn moeilijk definitieve conclusies worden getrokken. Voor de gevolgen op korte termijn worden de reeds gekende risico’s van ademhalingsproblemen bij de baby bevestigd, vooral als de keizersnede gepland is vóór de 39e week van de zwangerschap. Voor de moeder kunnen er vooral problemen optreden bij de volgende zwangerschappen, zoals een baarmoederscheur of  problemen met de moederkoek (placenta). Vaak zal er dan een nieuwe keizersnede nodig zijn. Het KCE beveelt daarom aan om de toekomstige ouders over dit alles goed te informeren, en om de zorgverleners te sensibiliseren voor deze mogelijke gevolgen. Daarbij sluit het zich aan bij de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), die ervoor pleit om enkel een keizersnede uit te voeren als het echt nodig is. Meer lezen...

Gepubliceerd op: 
08-11-2016