Een nationale richtlijn voor de aanpak van pancreaskanker

  • 16 februari 2009

Het College voor Oncologie, het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) en de FOD Volksgezondheid ontwikkelen sinds een aantal jaren samen nationale praktijkrichtlijnen voor de behandeling van kanker. Na darm-, borst-, slokdarm- en maagkanker is het nu de beurt aan pancreaskanker. Omdat de overlevingskansen bij deze kanker klein zijn wordt er veel aandacht geschonken aan palliatieve behandeling, met specifieke aanbevelingen voor pijnbestrijding en voeding.

De vooruitzichten bij pancreaskanker zijn nog steeds niet goed. Bij de meerderheid van de patiënten zal de tumor niet chirurgisch kunnen verwijderd worden en is een palliatieve behandeling de enige mogelijkheid. Slechts 5 % van de patiënten overleeft langer dan 5 jaar.

Praktijkrichtlijnen vatten de steeds groeiende hoeveelheid informatie samen over hoe een arts het best handelt in bepaalde situaties. Ze zijn een instrument om de zorgverlener en de patiënt te helpen in het nemen van beslissingen, zonder afbreuk te doen aan hun autonomie.

Het College voor Oncologie deed voor de ontwikkeling van de praktijkrichtlijn voor de behandeling van pancreaskanker opnieuw beroep op het KCE voor de wetenschappelijke ondersteuning. Een grote groep experts werkte hieraan mee en waakte over de inhoud.

De richtlijn behandelt de belangrijkste fases in de aanpak van pancreaskanker, gaande van diagnose tot behandeling, opvolging en palliatieve zorg. De diagnose van pancreaskanker is gebaseerd op een combinatie van lichamelijk onderzoek, een CT scan en eventueel een echo-endoscopie, waarbij een flexibele slang in het orgaan wordt ingebracht.

Voor de behandeling van de kanker is chirurgie – indien mogelijk – de enige optie voor genezing. Voor patiënten bij wie chirurgie niet mogelijk is kan een palliatieve behandeling met chemotherapie overwogen worden, eventueel aangevuld met bestraling. Bij deze patiënten is een ondersteunende behandeling met voedingsadvies en pijnbestrijding van groot belang voor de levenskwaliteit. Daarnaast kunnen ze ook baat hebben van psychologische ondersteuning.

Net zoals bij de vorige richtlijnen vormt deze richtlijn een aanzet tot het ontwikkelen van kwaliteitsindicatoren. Op die manier kan worden nagegaan of de richtlijn wordt toegepast. De kwaliteit van de kankerzorg krijgt momenteel veel aandacht in het Nationaal Kankerplan. Het is ook het onderwerp van een lopend KCE project waarvan de resultaten later dit jaar mogen verwacht worden.

De richtlijn kan worden geraadpleegd op de website van het KCE (www.kce.fgov.be) en van het College voor Oncologie (www.college-oncologie-richtlijnen.be).

GERELATEERDE LINKS
CONTACTPERSOON
Gudrun Briat (NL)
JAARVERSLAG