Samenvatting (Frans of Engels)
Twee procent van de Belgische bevolking lijdt aan hartfalen (HF) en jaarlijks wordt de diagnose gesteld bij 15.000 nieuwe patiënten. Maar liefst 3% van de federale uitgaven voor gezondheidszorg wordt besteed aan HF, waarvan het grootste deel aan herhaalde ziekenhuisopnames. Behandelingen die deze herhaalde opnames en/of hun duur zouden verminderen, zouden dan ook een positieve impact hebben op het gezondheidsbudget en de levenskwaliteit van de patiënten.
Bij de behandeling van gedecompenseerd HF wil men vooral de symptomen veroorzaakt door congestie (‘stuwing van het bloed) en oedeem (‘wateropstapeling’) verminderen met diuretica (‘plaspillen’). Wanneer een patiënt het ziekenhuis verlaat met een onvoldoende behandelde congestie en oedeem verhoogt dit de kans op overlijden en heropname voor HF. Het probleem is echter dat wetenschappelijk onderbouwd bewijs omtrent het meest gepaste geneesmiddel, de dosering en de toedieningswijze (via een ader, via de mond, …) van de verschillende soorten plaspillen nog volledig ontbreekt.
In de multicentrische gerandomiseerde dubbelblinde ADVOR-studie zal worden nagegaan of een betere toepassing van de bestaande behandelingen, gebaseerd op zeer betrouwbaar wetenschappelijk bewijs, zal zorgen voor een betere decongestie. Meer bepaald zal er worden onderzocht of het toedienen van een bijkomend plasmiddel (acetazolamide), dat generisch aan een zeer lage kost (<10 €) verkrijgbaar is, de hospitalisatieduur en het aantal heropnames vermindert, en zorgt voor een betere prognose en levenskwaliteit, en voor een kostenbesparing van 2500 € per patiënt.
| Samenvatting van de resultaten (lay language) |
|---|
|
Episoden van acuut hartfalen worden veroorzaakt door vocht- en zoutopstapeling. Dit leidt tot klachten van kortademigheid, gezwollen benen, .. waarbij patiënten vaak moeten worden opgenomen in het ziekenhuis voor de toediening van plasmedicatie. Acetazolamide is een oud medicament dat de zout opname in de nier verhindert waardoor zout (en hierdoor ook water) wordt uitgeplast. In de ADVOR studie werd onderzocht of de toevoeging van acetazolamide aan de klassieke plasmedicatie leidt tot een snellere en betere verwijdering van de vochtopstapeling bij patiënten met acuut hartfalen. De ADVOR studie werd uitgevoerd in 27 ziekenhuizen in België waarbij in totaal 519 patiënten deelnamen aan de studie. Patiënten werden ingedeeld in twee groepen met ofwel een behandeling met de klassieke plasmedicatie in combinatie met acetazolamide ofwel in combinatie met placebo. Zowel de arts als de patiënt was niet op de hoogte van de toewijzing. Na drie dagen werd beoordeeld of er nog tekenen van vochtopstapeling aanwezig waren bij de patiënt. In de acetazolamide groep werden 108 van de 256 patiënten (42.2%) beoordeeld als succesvol ontwaterd, terwijl dit in de placebo groep gold voor 79 van de 259 patiënten (30.5%). Dit betekent dat de combinatie van acetazolamide bij de klassieke plasmedicatie leidt tot een beduidend snellere en betere ontwatering en wordt verklaard doordat de patiënten die de combinatie aan medicatie kregen meer water en zout uitplasten in de studie dan de placebo groep. Daarnaast werd vastgesteld dat deze patiënten in de studie gemiddeld 1 dag minder in het ziekenhuis verbleven dan de patiënten die enkel de klassieke plasmedicatie kregen. De ADVOR studie heeft met succes kunnen aantonen dat de toevoeging van acetazolamide aan de klassieke plasmedicatie leidt tot een snellere en betere ontwatering van patiënten met acuut hartfalen en vochtopstapeling. |
| Title |
A multi-center, randomized, double-blind, phase IV clinical trial on the diuretic effects of Acetazolamide (Diamox ®) in patients with Decompensated heart failure and Volume OveRload (ADVOR) (KCE-17001) |
|
Participants (P) |
Patients with decompensated heart failure and volume overload admitted to hospital |
|
Intervention (I) |
Acetazolamide combination therapy with high-dose loop diuretics |
|
Control (C) |
Placebo combination therapy with high-dose loop diuretics |
|
Outcome (O) |
Treatment success (decongestion achieved) on the morning of day 4 without the need for escalating diuretic strategy (doubling loop diuretic dose, addition of chlorthalidone, or ultrafiltration) on the morning of day 3 |
|
Trial Design |
Prospective, multi-center, randomised double blind placebo controlled phase IV clinical trial |
|
Sample Size |
519 patients |
|
Trial duration |
28 Months |
|
Budget |
€ 2 600 000 (incl. VAT) |
|
Sponsor |
Ziekenhuis Oost Limburg Autonome Verzorgingsinstelling |
|
Chief Investigator |
Wilfried Mullens MD, PhD |
|
Trial coordinator |
Katrien Tartaglia Clinical Trial Unit, Ziekenhuis Oost-Limburg, Autonome Verzorgingsinstelling |
|
Participating centres |
24 hospitals from Flanders, Wallonia and Brussels including both University and regional hospitals |
| Protocol | View protocol European Journal of Heart Failure |
| Results | Download report |
Additional results: https://onlinelibrary.wiley.com/doi/10.1002/ejhf.2863 https://doi.org/10.1161/CIRCULATIONAHA.122.062486 |
For timelines and recruitment, see dashboard
Investigator-led workstream 2017